Hulpcomponenten Zenith Aaa Met Laag Profiel/Zenith Alpha; Abdominaal; Algemene Gebruiksinformatie; Converteerder - Cook Medical Zenith Alpha Mode D'emploi

Endoprothese vasculaire abdominale
Masquer les pouces Voir aussi pour Zenith Alpha:
Table des Matières
Les langues disponibles
  • FR

Les langues disponibles

  • FRANÇAIS, page 89

10.2 Hulpcomponenten Zenith AAA met laag profiel/Zenith Alpha

abdominaal

Algemene gebruiksinformatie

Bij onnauwkeurigheden in de maatbepaling of plaatsing van het hulpmiddel,
veranderingen of afwijkingen in de anatomie van de patiënt of procedurele
complicaties kan plaatsing van aanvullende endovasculaire prothesen,
verlengstukken en converteerders vereist zijn . Ongeacht het geplaatste
hulpmiddel is (zijn) de essentiële ingreep (ingrepen) vergelijkbaar met de
manoeuvres die vereist zijn en eerder beschreven zijn in dit document . Het is
belangrijk om de toegang tot de voerdraad te handhaven .
Tijdens het gebruik van de hulpcomponenten Zenith AAA met laag profiel/
Zenith Alpha abdominaal dienen standaardtechnieken voor de plaatsing
van arteriële toegangssheaths, geleidekatheters, angiografiekatheters en
voerdraden te worden toegepast . Hulpcomponenten AAA met laag profiel/
Zenith Alpha abdominaal zijn compatibel met voerdraden van
0,035 inch (0,89 mm) .
De hulpcomponenten Zenith AAA met laag profiel/Zenith Alpha abdominaal
zijn compatibel met zowel de Zenith AAA endovasculaire prothese met laag
profiel als de Zenith Alpha abdominale endovasculaire prothese .

10.2.1 Converteerder

Converteerders kunnen zo nodig worden gebruikt om een gebifurqueerde
prothese te converteren tot een aorto-uni-iliacale prothese (bijv . gevallen van
type-III-endolekkage, occlusie van een stomp of onuitvoerbare canulatie van
een contralaterale stomp) . (Afb . 30)
Voorbereiding/spoeling van converteerder
1 . Verwijder het binnenstilet (van de binnencanule), de canulebescherming
(van de binnencanule) en de bescherming van de dilatatortip (van de
dilatatortip) . Verwijder de Peel-Away sheath van de achterkant van de
hemostaseklep . (Afb . 31) Houd de distale tip van het systeem omhoog en
spoel de afsluitkraan op de hemostaseklep door totdat er vloeistof uit de
spoelgroef bij de tip van de introducersheath komt . (Afb . 32) Ga door met
spoelen totdat er 20 mL spoelvloeistof door het hulpmiddel geïnjecteerd is .
Staak de injectie en sluit de afsluitkraan .
NB: Voor het door spoelen van de prothese wordt vaak gehepariniseerde
zoutoplossing gebruikt .
2 . Sluit een spuit met gehepariniseerd fysiologisch zout aan op het aanzetstuk
van de binnencanule . Spoel totdat er vloeistof uit de dilatatortip komt .
(Afb . 33)
NB: Houd tijdens het doorspoelen van het systeem het distale uiteinde van
het systeem omhoog om het verwijderen van lucht te vergemakkelijken .
3 . Drenk steriele gaasjes in fysiologisch zout en gebruik deze om de Flexor-
introducersheath af te nemen om de hydrofiele coating te activeren . Maak
zowel de sheath als de dilatator met ruim water nat .
Plaatsing en ontplooiing van converteerder
1 . Verwijder de plaatsingssheath voor de main body . Gebruik de voerdraad
van de main body om de converteerder in de main body te introduceren .
NB: Het introductiesysteem voor de converteerder kan niet worden
geïntroduceerd via de introducersheath voor de main body of de iliacale
poot .
2 . Voer de converteerder langzaam op totdat hij zich op de plaats van de
beoogde interventie bevindt . (Afb . 34) Verifieer de juiste overlapping met
de stentprothese om zeker te zijn van de juiste afdichting en weerstand
tegen migratie . De proximale twee stents moeten in positie worden
gebracht in de main body en de distale twee stents moeten in positie
worden gebracht in de ipsilaterale poot .
3 . Ontplooi het hulpmiddel door de sheath terug te trekken terwijl u de grijze
pusher van het introductiesysteem stabiel houdt . (Afb . 35 en 36)
4 . Verwijder de veiligheidsvergrendeling van het zwarte triggerwire-
ontkoppelmechanisme . Trek de trigger wire terug en verwijder deze door
het zwarte triggerwire-ontkoppelmechanisme van de handgreep af te
schuiven en vervolgens via de gleuf over de binnencanule te verwijderen .
(Afb . 37)
5 . Ga verder met de ontplooiing van het hulpmiddel totdat de distale stent is
blootgelegd .
6 . Trek de tapse tip van de introducer terug door de converteerder en het
introductiesysteem terwijl u de positie van de voerdraad handhaaft .
Zorg dat de endovasculaire prothese niet wordt verplaatst tijdens het
terugtrekken van het introductiesysteem .
7 . Sluit de Captor hemostaseklep door hem rechtsom te draaien totdat hij niet
verder kan . (Afb . 38)
Introductie van de modelleerballon van de converteerder
NB: Raadpleeg voor informatie over het gebruik van aanbevolen producten
de gebruiksaanwijzing van het betreffende product .
1 . Maak de modelleerballon als volgt klaar:
• Spoel het voerdraadlumen door met gehepariniseerd fysiologisch zout .
• Verwijder alle lucht uit de ballon .
LET OP: De Captor-hemostaseklep moet open zijn voordat de
modelleerballon verplaatst wordt .
2 . Voer de modelleerballon over de voerdraad en door de hemostaseklep op
naar het proximale segment van de converteerder .
3 . Draai de Captor hemostaseklep rond de modelleerballon met lichte druk
rechtsom vast .
LET OP: De ballon mag niet in een bloedvat buiten de prothese worden
gevuld .
4 . Expandeer de modelleerballon in het proximale segment en het distale
segment van de converteerder met verdund contrastmiddel (volgens de
aanbevelingen van de fabrikant) . (Afb . 39)
LET OP: Voorafgaand aan herpositionering moet worden bevestigd dat de
ballon geheel geleegd is .
5 . Leeg de modelleerballon volledig en verwijder hem, vervang hem door een
angiografiekatheter en maak afrondende angiogrammen .
6 . Als er geen andere endovasculaire handelingen nodig zijn, verwijdert u alle
sheaths, draden en katheters . Herstel de bloedvaten en sluit de wonden op
de gebruikelijke wijze voor operaties .

10.2.2 Verlengstukken voor de main body

Verlengstukken voor de main body worden gebruikt om de proximale body
van een endovasculaire prothese in situ langer te maken . (Afb . 40)
Voorbereiding/spoeling van het verlengstuk voor de main body
1 . Verwijder het binnenstilet (van de binnencanule), de canulebescherming
(van de binnencanule) en de bescherming van de dilatatortip (van de
dilatatortip) . Verwijder de Peel-Away sheath van de achterkant van de
hemostaseklep . (Afb . 31) Houd de distale tip van het systeem omhoog en
spoel de afsluitkraan op de hemostaseklep door totdat er vloeistof uit de
spoelgroef bij de tip van de introducersheath komt . (Afb . 32) Ga door met
spoelen totdat er 20 mL spoelvloeistof door het hulpmiddel geïnjecteerd is .
Staak de injectie en sluit de afsluitkraan .
NB: Voor het door spoelen van de prothese wordt vaak gehepariniseerde
zoutoplossing gebruikt .
2 . Sluit een spuit met gehepariniseerd fysiologisch zout aan op het aanzetstuk
van de binnencanule . Spoel totdat er vloeistof uit de dilatatortip komt .
(Afb . 33)
NB: Houd tijdens het door spoelen van het systeem de distale tip van het
systeem omhoog zodat de lucht eruit verdreven wordt .
3 . Drenk steriele gaasjes in fysiologisch zout en gebruik deze om de Flexor-
introducersheath af te nemen om de hydrofiele coating te activeren . Maak
zowel de sheath als de dilatator met ruim water nat .
Plaatsing en ontplooiing van het verlengstuk voor de main body
1 . Verwijder de plaatsingssheath voor de main body . Gebruik de voerdraad
van de main body om het verlengstuk voor de main body in de main body
te introduceren .
NB: Het introductiesysteem voor het verlengstuk voor de main body kan
niet worden geïntroduceerd via de introducersheath voor de main body of
de iliacale poot .
2 . Voer het verlengstuk voor de main body langzaam op totdat het zich op de
plaats van de beoogde interventie bevindt . (Afb . 41)
3 . Controleer de positie van het verlengstuk voor de main body om te zorgen
voor een goede afdichting en voor weerstand tegen migratie .
4 . Controleer de plaatsing met behulp van angiografie om te zorgen dat
de aa . renales doorgankelijk blijven en dat de juiste plaatsing wordt
bewerkstelligd .
LET OP: Voorzichtigheid is geboden om te voorkomen dat de main body
tijdens het plaatsen en ontplooien van het verlengstuk voor de main
body van zijn plaats raakt .
5 . Ontplooi het hulpmiddel door de sheath terug te trekken terwijl u de grijze
pusher van het introductiesysteem stabiel houdt . (Afb . 35 en 42) Blijf de
prothese ontplooien totdat de meest distale stent is blootgelegd . Stop met
terugtrekken van de sheath .
6 . Verwijder de veiligheidsvergrendeling van het zwarte triggerwire-
ontkoppelmechanisme . Trek de trigger wire terug en verwijder deze door
het zwarte triggerwire-ontkoppelmechanisme van de handgreep af te
schuiven en vervolgens via de gleuf over de binnencanule te verwijderen .
(Afb . 37)
7 . Trek de tapse tip van de introducer terug door het verlengstuk voor
de main body en het introductiesysteem terwijl u de positie van de
voerdraad handhaaft . Zorg dat het verlengstuk voor de main body en de
endovasculaire prothese niet van hun plaats raken tijdens het terugtrekken
van het introductiesysteem .
8 . Sluit de Captor hemostaseklep door hem rechtsom te draaien totdat hij niet
verder kan . (Afb . 38)
Introductie van de modelleerballon voor het verlengstuk voor de main body
NB: Raadpleeg voor informatie over het gebruik van aanbevolen producten
de gebruiksaanwijzing van het betreffende product .
1 . Maak de modelleerballon als volgt klaar:
• Spoel het voerdraadlumen door met gehepariniseerd fysiologisch zout .
• Verwijder alle lucht uit de ballon .
LET OP: De Captor-hemostaseklep moet open zijn voordat de
modelleerballon verplaatst wordt .
2 . Voer de modelleerballon op over de voerdraad en door de hemostaseklep
van het introductiesysteem voor de main body, tot op de hoogte van het
verlengstuk voor de main body .
3 . Draai de Captor-hemostaseklep rond de modelleerballon met lichte druk
aan door de Captor-hemostaseklep rechtsom te draaien .
LET OP: De ballon mag niet in een bloedvat buiten de prothese worden
gevuld .
4 . Expandeer de modelleerballon in het proximale segment van het
verlengstuk voor de main body en vervolgens het meest distale segment
van het verlengstuk voor de main body met verdund contrastmiddel
(volgens de aanbevelingen van de fabrikant) . (Afb . 43)
LET OP: Voorafgaand aan herpositionering moet worden bevestigd dat de
ballon geheel geleegd is .
5 . Leeg de modelleerballon volledig en verwijder hem, vervang hem door een
angiografiekatheter en maak afrondende angiogrammen .
6 . Als er geen andere endovasculaire handelingen nodig zijn, verwijdert u alle
sheaths, draden en katheters . Herstel de bloedvaten en sluit de wonden op
de gebruikelijke wijze voor operaties .

11 RICHTLIJNEN VOOR BEELDVORMING EN POSTOPERATIEVE

CONTROLE

11.1 Algemeen

• De werking van deze endovasculaire prothese op de lange termijn is
nog niet vastgesteld . Alle patiënten dienen te worden geïnformeerd
dat na endovasculaire behandeling levenslange, regelmatige
controle vereist is om hun gezondheid en het functioneren van hun
endovasculaire prothese te beoordelen . Patiënten met specifieke
klinische bevindingen (zoals endolekkage, een groeiend aneurysma of
veranderingen in structuur of positie van de endovasculaire prothese)
dienen extra te worden gecontroleerd .
• De patiënten dienen te weten dat het belangrijk is zich aan het
controleschema te houden . Dat geldt voor de controles in het eerste jaar
na de ingreep maar ook voor de jaarlijkse controles daarna . De patiënten
dienen te weten dat regelmatige en consistente controle van wezenlijk
127
Table des Matières
loading

Table des Matières