Installatiehandleiding
Interne eenheid
Voorbereidende installatie
De binneneenheid moet in een ruimte
met een woonfunctie worden geplaatst
om de best mogelijke prestaties te kun-
nen garanderen. Gebruik voor de plaat-
sing van het systeem de meegeleverde
sjabloon en een waterpas.
Om de werking van het product niet
in gevaar te brengen, moet de instal-
latieplaats geschikt zijn voor de uiterste
bedrijfstemperatuur (min. + 5 °C) en be-
schermd zijn tegen directe impact van de
weersomstandigheden.
Minimumafstanden
Om correct onderhoud van het systeem
mogelijk te maken, moeten de minimum-
afstanden voor installatie, zoals in de on-
derstaande afbeeldingen weergegeven,
gerespecteerd worden.
50
50
Installatieprocedure
1. De schaal plaatsen en het voorpa-
neel verwijderen.
Verwijder de schroeven (afb. 1), trek het
voorpaneel in de richting van de pijl,
plaats het vervolgens schuin en duw naar
omhoog.
Plaats de meegeleverde sjabloon (afb. 2)
op de muur en maak de nodige gaten
voor de plaatsing van de metalen beugel
(afb. 3) die met het product is meegele-
verd; deze is nodig om het product op
te hangen. Zorg ervoor dat de installatie
horizontaal staat en maak vervolgens de
gaten voor de installatie van de stangen-
kit (afb. 4).
39
52
72
72
500
Na bevestiging van de metalen beugel
hangt u het aan de wand. Monteer vervol-
gens de stangenkit op de koperen aan-
sluitingen van de module.
OPMERKING: In de koelmodus, om
condensaatlek te vermijden, wordt de ins-
tallatie van een afvoerpan onder de mo-
dule (zie afbeelding) en de isolatie van de
aansluitleidingen aanbevolen.
Fig. 1
550
150
600
305
600
297
263
72
68
34
70
161
5/8"
3/8"
Fig. 2
Fig. 3
Fig. 4
2. Afvoer veiligheidsklep
3 bar-veiligheidsklep
ontluchtingsklep
Assembleer de afvoerbuis van de veilig-
heidsklep die in de pakketdocumenten is
opgenomen.
3. Het systeem vullen
De maximale druk voor het verwarmings-/
koelsysteem is 3 bar. De voorgestelde vul-
druk is 1,2 bar.
Zodra het systeem gevuld is, koppelt u
het los van het waterleidingnet. Vul het
systeem niet frequent opnieuw (meer-
dere malen per maand), want dat kan tot
corrosie leiden.
4. Opstart verwarmings-/koelsysteem
voorbereiden
Open de aanvoer-/retourkranen van het ver-
warmings-/koelsysteem.
Open de vulkranen voor het verwarmingscircuit.
Sluit de kranen zodra de drukmeter de ge-
wenste druk aangeeft. Ontlucht het sys-
teem, herstel de druk en controleer of alle
pakkingen afgedicht zijn.
Zodra het volledige systeem geïnstalleerd is, mon-
teert u het afvoerpaneel zoals in de afbeelding
weergegeven. Daarna sluit u de buis (niet mee-
geleverd) met interne diameter 10 mm aan op de
uitlaat zoals in de afbeelding weergegeven.
115 / BE