Scherptediepteschuif En Scherptediepte - Leica R9 Notice D'utilisation

Table des Matières
Les langues disponibles

Les langues disponibles

1.3

Scherptediepteschuif en scherptediepte

De LEICA R9 meet de belichting bij geopend
objectiefdiafragma. Bij het bedienen van de
scherptediepteschuif (1.3) sluit het objectief-
diafragma en maakt zo de visuele beoordeling
van het scherpte-/onscherptebereik in de zoeker
mogelijk (de belichtingsmeting geeft hierbij ver-
keerde waarden aan!). Dit is vooral bij opnamen
van dichtbij zeer nuttig.
In de camerafunctie flitsmeting F evenals - in de
TTL-HSS functie van het flitsapparaat - m en A
wordt door bedienen van de scherptediepte-
schuif ook de flits geactiveerd. Tijdens het neer-
drukken van de scherptediepteschuif is de
activering geblokkeerd.
De scherptediepteschaal van de objectieven
toont het bereik van de scherptediepte voor de
betreffende ingestelde afstand tot het object.
Wanneer
bijv.
1:1,4/50mm op 5m is ingesteld, reikt de scherp-
tediepte
bij
diafragma
4m - 8m, bij diafragma 11 ongeveer van 3m - 20m.
187
1 1
4
het
objectief
Summilux-R
4
ongeveer
van

Chapitres

Table des Matières
loading

Table des Matières