BEDIENING VAN DE MAAIER
Lees de veiligheidsinstructies.
BEDIENINGSORGANEN
1.
De hydraulische bedieningsorganen zijn
gemonteerd op een paneel achter de
bestuurder en de hefbomen steken naar voren
in een handige stand zodat alle maaieenheden
er gemakkelijk mee te bedienen zijn.
Met de vijf besturingshefbomen aan de
rechterkant worden de hefplunjerkleppen
bediend en met de drie bedieningshefbomen
aan de linkerkant worden de aandrijfkleppen
bediend voor het aandrijven van drie groepen
cilinders zoals afgebeeld.
2.
De hefbesturingskleppen hebben drie
bedieningsstanden (A, B en C afb. 44).
(a)
Omlaag drukken (stand A) om de eenheden te
laten zakken in de maai en "zweef" stand.
(b)
Omhoog trekken (stand B) om de
maaieenheden omhoog te brengen.
(c)
Midden (stand C) - neutraal.
3.
De aandrijf regelkleppen hebben ook drie
standen (D, E en F afb. 45):
(a)
Omlaag drukken (stand D) om de maaicilinders
voorwaarts draaiend aan te drijven (maaien).
(b)
Omhoog trekken (stand E) om de maaicilinders
achteruit te laten draaien (slijpen of reinigen
van cilinders).
(c)
Midden (stand F) om de draaiing van de
cilinders stop te zetten (neutraal).
Bediening van de maaier
4.
De maaieenheden kunnen onafhankelijk van
elkaar worden bediend en in de afbeelding
(afb. 46) is de stand van de hefbomen en de
eenheid die de hefboom bestuurt te zien (zie
inzet - afb. 46).
Hefboom A - Voor het opheffen en neerlaten
van eenheden 1, 2, en 3
Hefboom B - Voor het opheffen en neerlaten
van eenheid 4
Hefboom C - Voor het opheffen en neerlaten
van eenheid 6
Hefboom D - Voor het opheffen en neerlaten
van eenheid 5
Hefboom E - Voor het opheffen en neerlaten
van eenheid 7
Hefboom F - Regelt de aandrijving naar
eenheid 4 en 6
Hefboom G - Regelt de aandrijving naar
eenheid 1, 2 en 3
Hefboom H - Regelt de aandrijving naar
eenheid 5 en 7
NL
FONCTIONNEMENT DE LA
TONDEUSE
Prenez Connaissance des Consignes de
Sécurité.
COMMANDES
1.
Les commandes hydrauliques sont montées sur
un panneau à l'arrière du conducteur. Les
leviers de commande se présentent de l'arrière
et occupent une position qui permet de
contrôler aisément l'opération de toutes les
unités de coupe.
Les cinq leviers de commande de droite
contrôlent le fonctionnement des soupapes de
plongeur de levée et les trois leviers de
commande de gauche contrôlent le
fonctionnement des soupapes d'entraînement
qui permettent d'actionner trois groupes de
cylindres comme le montre l'illustration.
2.
Les soupapes de contrôle de levée sont munies
de trois positions de fonctionnement
(A, B et C fig. 44).
(a)
Poussez vers le bas (position A) pour faire
baisser les unités de coupe et leur faire adopter
une position de coupe ou de «flottement».
(b)
Tirez vers le haut (position B) pour faire lever
les unités de coupe.
(c)
Position centrale (position C) - point mort.
3.
Les soupapes de contrôle d'entraînement sont
également munies de trois positions (D, E et F
fig. 45):
(a)
Poussez vers le bas (position D) pour faire
tourner les cylindres de coupe en marche
avant (coupe).
(b)
Tirez vers le haut (position E) pour faire tourner
les cylindres de coupe en marche arrière
(rodage ou débourrage des cylindres).
(c)
Position centrale (position F) pour interrompre
la rotation des cylindres (point mort).
Fonctionnement de la Tondeuse
4.
Les unités de coupe sont capables de
fonctionner indépendamment l'une de l'autre.
Le schéma (fig. 46) illustre la position des
leviers et l'unité qu'actionne le levier (voir hors-
texte - fig 46).
Levier A - Lève et baisse les unités 1,2, et 3
Levier B - Lève et baisse l'unité 4
Levier C - Lève et baisse l'unité 6
Levier D - Lève et baisse l'unité 5
Levier E - Lève et baisse l'unité 7
Levier F - Commande l'entraînement des
unités 4 et 6
Levier G - Commande l'entraînement des
unités 1, 2 et 3
Levier H - Commande l'entraînement des
unités 5 et 7
F
GB-F-NL-45