Nederlands
► Draag een nauwsluitende veilig‐
heidsbril. Geschikte veiligheidsbrillen
zijn getest volgens de norm EN 166,
EN ISO 16321 of volgens de natio‐
nale voorschriften. Ze zijn met de
betreffende markering verkrijgbaar in
de handel.
► Een strak bovendeel met lange mouwen en
een lange broek dragen.
■ Tijdens de werkzaamheden kunnen er aeroso‐
len worden gevormd. Ingeademde aerosolen
kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid en
allergische reacties veroorzaken.
► Voer een risicoanalyse uit waarbij wordt
gekeken naar het te reinigen oppervlak en
de omgeving ervan.
► Als de risicoanalyse aangeeft dat er aero‐
solen worden gevormd: draag ademha‐
lingsmaskers uit de beschermklasse FFP2
of hoger of van een vergelijkbare
beschermklasse.
■ Als de gebruiker ongeschikte schoenen
draagt, kan hij uitglijden. De gebruiker kan let‐
sel oplopen.
► Draag stevige, dichte schoenen met een
stroeve zool.
4.5
Werkgebied en -omgeving
4.5.1
Drukreiniger
WAARSCHUWING
■ Buitenstaanders, kinderen en dieren kunnen
de gevaren van de drukreiniger en de omhoog
geslingerde voorwerpen niet herkennen en de
gevaren hiervan niet inschatten. Buitenstaan‐
ders, kinderen en dieren kunnen ernstig letsel
oplopen en er kan materiële schade ontstaan.
► Buitenstaanders, kinderen en dieren ver uit
de buurt van het werkgebied houden.
► De drukreiniger niet zonder toezicht laten.
► Ervoor zorgen dat kinderen niet met de
drukreiniger kunnen spelen.
■ Als er in de regen of in een vochtige omgeving
wordt gewerkt, kan dit leiden tot een elektri‐
sche schok. De gebruiker kan letsel oplopen
en de drukreiniger kan beschadigd raken.
► Niet in de regen werken.
► Drukreiniger zodanig gebruiken dat deze
niet nat wordt.
■ Elektrische componenten van de drukreiniger
kunnen vonken veroorzaken. Vonken kunnen
in een makkelijk brandbare of explosieve
omgeving brand of een explosie veroorzaken.
Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel
oplopen en er kan materiële schade ontstaan.
112
► Niet werken in een makkelijk brandbare of
explosieve omgeving.
4.5.2
Accu
WAARSCHUWING
■ Buitenstaanders, kinderen en dieren kunnen
de gevaren van de accu niet herkennen en de
gevaren hiervan niet inschatten. Buitenstaan‐
ders, kinderen en dieren kunnen ernstig letsel
oplopen.
► Buitenstaanders, kinderen en huisdieren op
afstand houden.
► Laat de accu niet zonder toezicht achter.
► Zorg ervoor dat kinderen niet met de accu
kunnen spelen.
■ De accu is niet beschermd tegen alle invloe‐
den van buitenaf. Als de accu blootstaat aan
bepaalde invloeden van buitenaf kan de accu
in brand vliegen, exploderen of onherstelbaar
beschadigd raken. Personen kunnen ernstig
letsel oplopen en er kan materiële schade ont‐
staan.
► De accu tegen hitte en vuur bescher‐
men.
► De accu niet in het vuur werpen.
► De accu niet buiten de aangegeven tempe‐
ratuurgrenzen opladen, gebruiken en
opbergen,
20.5.
► De accu niet onderdompelen in
vloeistoffen.
► De accu bij kleine metalen voorwerpen van‐
daan houden.
► De accu niet blootstellen aan hoge druk.
► De accu niet in de magnetron plaatsen.
► De accu tegen chemicaliën en zouten
beschermen.
4.5.3
Acculader
WAARSCHUWING
■ Buitenstaanders en kinderen kunnen de geva‐
ren van de acculader en de elektrische stroom
niet herkennen en ook niet inschatten. Buiten‐
staanders, kinderen en dieren kunnen ernstig
of dodelijk letsel oplopen.
► Buitenstaanders, kinderen en huisdieren op
afstand houden.
► Zorg ervoor dat kinderen niet met de accu‐
lader kunnen spelen.
■ De acculader is niet waterdicht. Als er in de
regen of in een vochtige omgeving wordt
gewerkt, kan dit leiden tot een elektrische
4 Veiligheidsinstructies
0458-048-9601-A