Invacare® Colibri
De motoren van de scootmobiel zijn uitgerust met een automatisch
remsysteem waarmee kan worden voorkomen dat de scootmobiel
onbedoeld begint te rijden terwijl de stroomvoorziening is
uitgeschakeld. Bij het duwen van de scootmobiel moeten de
magnetische remmen worden ontkoppeld.
6.6.1 De motoren ontkoppelen
VOORZICHTIG!
Kans op wegrollen voertuig
— Als de motoren zijn ontkoppeld (voor duwen in
vrijloop), zijn de elektromagnetische motorremmen
uitgeschakeld. Als het voertuig is geparkeerd, moeten
de hendels voor het koppelen en ontkoppelen van de
motoren goed in de positie "DRIVE" worden
vergrendeld (elektromagnetische motorremmen
ingeschakeld).
Ontkoppelen
1. Schakel de scootmobiel uit.
2. Trek de ontkoppelingshendel A
omhoog.
De aandrijving is nu
ontkoppeld.
Koppelen
1. Duw de ontkoppelingshendel A
naar voren.
De aandrijving is nu
vastgekoppeld.
6.7 De scootmobiel gebruiken
WAARSCHUWING!
Letselrisico door onbedoeld wegrollen van het
voertuig
Wanneer u het voertuig stilzet, moet de rijhendel
terugkeren naar de middelste stand om de
elektromagnetische rem te activeren. Als de rijhendel niet
kan terugkeren naar de middelste stand, kan de
elektromagnetische rem niet worden geactiveerd. Hierdoor
kan het voertuig onbedoeld wegrollen.
— Controleer of de rijhendel zich in de middelste stand
bevindt wanneer het voertuig stil moet blijven staan.
1. Schakel de voeding in (sleutelschakelaar).
De bedieningsconsole licht op. Er kan met de scootmobiel
worden gereden.
Als de scootmobiel niet bedrijfsklaar is nadat u de voeding
hebt ingeschakeld, kijkt u op de statusdisplay (zie 3.4.1
Statusaanduiding, pagina 54 en 10.2.2 Foutcodes en
diagnosecodes, pagina 67).
2. Stel de gewenste snelheid in met de snelheidsregelaar.
3. Trek de rechterrijhendel voorzichtig naar u toe om vooruit te
rijden.
4. Trek de linkerrijhendel voorzichtig naar u toe om achteruit te
rijden.
Het bedieningssysteem is in de fabriek voorgeprogrammeerd
met standaardwaarden. Uw Invacare-leverancier kan de
programmering afstemmen op uw persoonlijke wensen.
WAARSCHUWING!
Elke verandering in het rijprogramma kan gevolgen
hebben voor het rijgedrag en daarmee de stabiliteit
tegen kantelen.
— Alleen opgeleide en gespecialiseerde leveranciers van
Invacare mogen het rijprogramma aanpassen.
60
A
De hendel voor het koppelen en
ontkoppelen van de motor bevindt
zich rechtsachter.
— Alle Invacare-mobiliteitsproducten worden vanuit de
fabriek geleverd met een standaard rijprogramma.
Invacare kan alleen voor dit standaard rijprogramma
een garantie afgeven voor veilig rijgedrag van het
voertuig – met name de stabiliteit tegen kantelen.
Om snel af te remmen laat u de rijhendel gewoon los. Deze
gaat dan automatisch terug naar de middelste stand. De
scootmobiel remt.
6.8 De claxon gebruiken
1. Druk op de claxonknop.
Er klinkt een akoestisch signaal.
7 Bedieningssysteem
7.1 Beveiligingssysteem van elektronica
De elektronica van de scootmobiel is voorzien van een beveiliging
tegen overbelasting.
Als de scooter gedurende een lange periode wordt overbelast
(bijvoorbeeld wanneer u een steile helling oprijdt), en vooral bij een
hoge omgevingstemperatuur, kan het elektronische systeem
oververhit raken. In dat geval nemen de prestaties van de scootmobiel
geleidelijk af totdat hij volledig tot stilstand komt. De status geeft de
bijbehorende foutcode weer (zie 10.2.2 Foutcodes en diagnosecodes,
pagina 67). Schakel de stroomvoorziening uit en weer in om de
foutcode te wissen en de elektronica weer in te schakelen. Het kan
echter vijf minuten duren voordat de elektronica voldoende is
afgekoeld om de scooter weer optimaal te laten werken.
Als de rit bijvoorbeeld wordt opgehouden door een onoverkomelijk
obstakel, zoals een te hoge stoep of iets dergelijks, en de gebruiker
probeert langer dan 20 seconden dit obstakel op te rijden, wordt de
elektronica automatisch uitgeschakeld om te voorkomen dat de motor
beschadigd raakt.
De status geeft de bijbehorende storingscode weer (zie 10.2.2
Foutcodes en diagnosecodes, pagina 67). Schakel de
stroomvoorziening uit en weer in om de foutcode te wissen en de
elektronica weer in te schakelen.
7.1.1 De hoofdzekering
Het gehele elektrische systeem wordt door twee hoofdzekeringen
beschermd tegen overbelasting. De hoofdzekeringen worden op de
positieve-accukabels gemonteerd.
Een defecte hoofdzekering mag alleen worden vervangen na
controle van het gehele elektrische systeem. De vervanging
moet worden uitgevoerd door een gespecialiseerde Invacare-
leverancier. Ga voor informatie over het zekeringtype naar
12.1 Technische specificaties, pagina 68.
7.2 Acculader
7.2.1 Symbolen op de lader
Lees de gebruiksaanwijzing.
Vermijd open vuur en vonken.
Onderhoud en reparaties mogen uitsluitend worden
uitgevoerd door een daartoe bevoegde persoon.
Beschermingsklasse II
Conformiteit met Europese normen
TÜV SÜD gecertificeerde naleving van EN60601.
1675751-C