Inhoud van de levering (03)
3. Verwijder de 6 bouten en moeren (01/2) en
haal het bovenste gedeelte (01/3) van de pal-
let af (01/a).
4. Verwijder met een tang de draadbevestigin-
gen (02/1) aan de wielen (02/2).
5. Verwijder de houten blokken (02/3) van de
wielen.
6. Schuif de zitmaaier naar voor uit de pallet.
7. Beveilig de zitmaaier tegen wegrollen (bijv.
met wielblokken).
OPMERKING Geef het verpakkingsmateri-
aal terug aan de dealer of doe het conform de in
het land van toepassing zijnde milieuwetten weg.
3 INHOUD VAN DE LEVERING (03)
Bij de leveringsomvang horen de hier vermelde
posities. Controleer of alle posities zijn inbegre-
pen:
Nr.
Component
1
Zitmaaier
2
Bestuurdersstoel
3
Frame voor grasopvangbak
4
Stuur met verlenging
5
Tas met schroeven en handleidingen
6
Verlenghendel voor grasopvangbak
7
Afdekking voor stuurkolom
8
Grasopvangbak
9
Rubberen houder voor startaccu
10
Startaccu 12 V, 9 Ah
11
Vrijschakelstangen
4 BENODIGDE GEREEDSCHAPPEN
Voor de montage van de zitmaaier zijn volgende
gereedschappen nodig:
5 mm inbussleutel
493357_c
Platte schroevendraaier
Kruisschroevendraaier 8/9 mm sleutel
10/11 mm sleutel
5 MONTAGE
WAARSCHUWING! Gevaren door onvol-
ledige montage! De zitmaaier mag niet worden
gebruikt voordat hij volledig is gemonteerd! Voer
alle montagewerkzaamheden uit die in de monta-
gehandleiding worden beschreven. Vraag in ge-
val van twijfel vóór de ingebruikname aan een
vakman of de montage correct werd uitgevoerd!
Controleer of alle veiligheids- en beschermingsin-
richtingen aanwezig zijn en functioneren!
Voordat de zitmaaier in gebruik kan worden ge-
nomen zoals in de gebruikershandleiding be-
schreven, moeten volgende montagewerkzaam-
heden met succes zijn uitgevoerd:
1. Installatie van het stuur
2. Montage van de stuurkolomafdekking met
contactslot
3. Installatie van de bestuurdersstoel
4. Montage van de grasopvangbak
5. Aanbouwen van de grasopvangbak
6. Inbouwen en aansluiten van de startaccu
5.1
Stuurwiel monteren (04)
1. Zet de voorwielen recht in de rijrichting.
2. Plaats het stuurwiel (04/1) met de verlenging
op de stuurkolom (04/2, 04/a).
Opmerking: Let op de positie, de spaak
moet naar de bestuurder wijzen.
3. Bevestig de verlenging door de zeskantbout
(04/3) door de verlenging en de stuurkolom
te draaien.
Opmerking: Neem het aanhaalmoment van
19