Opgeloste-zuurstof-meting
1. Kies het gewenste meetbereik (ppm) of (%O
de gemeten waarde onmiddellijk aangeduid volgens de voorgaande ijking.
Druk op CAL om opnieuw te ijken.
2. De aflezing toont de saliniteitscorrectie. Kies de gewenste waarde en druk op
OK. Stel de saliniteit in op nul tenzij u gaat meten in oplossingen met een
hoog zoutgehalte zoals b.v. zeewater (35 g/l). Kies [IJKEN], druk op OK en
volg de instructies op het scherm.
3. De elektrode blootgesteld aan de lucht, bereikt een evenwichtstoestand die
overeen komt met de partiële zuurstofdruk zoals in een waterige oplossing
verzadigd met lucht. Het toestel toont de mg/l, stroom, temperatuur van de
elektrode, en ijkt automatisch wanneer de metingen stabiel zijn.
4. Reinig de elektroden met gedistilleerd water, dompel ze in de meetoplossing
en lees de meter af. Tijdens het meten is het verplicht de oplossing te roeren
om de homogeniteit te bevorderen! De stroomsnelheid moet hierbij minstens
10 cm/s bedragen.
5. Spoel de elektrode steeds schoon na gebruik en bewaar ze dan in gedistilleerd
water.
•
Houd SET ingedrukt en druk op ê om de resolutie te veranderen tussen 0.1 en 0.01
mg/l of tussen 1 en 0.1 %.
Principe
De zuurstofmeter en de bijbehorende elektrode werken volgens het Clark-princi-
pe met zilver als kathode en lood als anode. De aanwezige zuurstof wordt aan de
kathode gereduceerd tot OH-ionen. De resulterende stroom wordt door de diffu-
sie beperkt en is daarom evenredig met het gehalte aan opgeloste zuurstof in de
meetoplossing. Deze stroom wordt door de zuurstofmeter versterkt, gecorrigeerd
en in mg/l, ppm of % opgeloste zuurstof aangegeven op de uitlezing.
Interferenties
Theoretisch worden in de elektrode alle stoffen omgezet die door het membraan
kunnen diffunderen en bij een spanning van 800 mV polarografisch reduceren.
Hierdoor kan hun aanwezigheid bijdragen in de stroomvorming. Interferentie kan
veroorzaakt worden door binnendringende ionen langs een poreus of beschadigd
membraan en door diffusie van storende gassen zoals CO
de elektrode reageren. Zure of basische gassen wijzigen de pH-waarde van het
elektrolyt en verstoren dus de aflezing, vooral bij het meten van lage zuurstof-
concentraties. Hoge zoutconcentraties in de meetoplossing kunnen eveneens de
meting vervalsen.
1. Kies het gewenste meetbereik met é ê en druk op CAL.
2. Kies [GLP] en druk op OK.
3. Kies [VERSLAG TONEN] en druk op OK. Blader met é ê om een volledig
calibratierapport te tonen.
4. Kies [VERSLAG VERZENDEN] en druk op OK om het rapport naar een computer
te zenden.
Opgeloste-zuurstof/Luchtdruk-meting
) met é ê . Op de aflezing wordt
2
, Cl
, SO
en H
2
2
2
Goede Laboratorium Praktijk
14
S die met
2