ROTA NCD
2.4
Produktspecifieke veiligheidsinstructies
Belangrijke aanduidingen
Deze handleiding is slechts geldig voor de krachtbediende
klauwplaat ROTA NCD.
De aanbevolen max. rpm is enkel geldig bij max. werkings-
kracht en het gebruik van gepaste harde getrapte klauwen
type SHB.
Gedurende de bewerking moet de krachtbe-
diende klauwplaat en het te spannen werkstuk
door een voldoende grote beveiligingskap
beschermd zijn.
Bij gebruik van zachte klauwen of speciale klauwen moet
gelet worden op het meest mogelijk laag gewicht.
Voor zachte opzet- of speciale klauwen moet voor de verspa-
ningsopdracht het theoretisch toelaatbaar toerental volgens
VDI 3106 berekend worden waarbij het max. toerental niet zal
overschreden worden. De theoretisch berekende waarden
zullen door middel van een dynamische meting getest wor-
den. De funktiebeveiliging (spankracht en zuigerslag) moet
volgens de in voege zijnde veiligheidsrichtlijnen gebeuren.
Gebruik van speciale klauwen
– De klauwen zullen zo licht en zo laag mogelijk gekon-
strueerd worden. Het spanpunt moet zo kort mogelijk aan
de voorzijde van de klauwplaat liggen (spanpunten met
grotere afstand veroorzaken in de klauwengeleiding een
hogere vlakdruk en benadelen zo de spankracht).
– Gebruik geen gelaste klauwen.
– Zijn de speciale klauwen omwille van de konstruktie
hoger/breder dan de op de klauwplaat toegelaten stan-
daardklauwen, zijn de daaraan verbonden grotere mid-
denpuntvliegende krachten bij de vastlegging van de nodi-
ge spankracht en de gemiddelde draaisnelheid in acht te
nemen.
– De bevestigingsschroeven moeten zo gespannen worden
zodat het grootst mogelijk draaimoment bereikt wordt.
– Maximale toerental is slechts toegelaten indien de maxi-
male bedieningskracht en probleemloos werkende
klauwplaat gebruikt wordt.
– Bij hogere toerentallen mag de klauwplaat enkel onder
een aangepaste veiligheidsafdekplaat gebruikt worden;
– Na een crash met de klauwplaat moet deze aan een
scheurproef onderworpen worden.
– Beschadigde onderdelen moeten vervangen worden door
originele SCHUNK wisselstukken.
– De bevestigingsbouten van de klauwen moeten bij slijtage
of beschadiging vervangen worden. Gebruik uitsluitend
bouten kwaliteit 12.9
Bij het gebruik van tangenklauwen dient men
erop te letten dat het werkstuk steeds op de
volledige spanhoogte gespannen wordt. De
maat X moet altijd groter of gelijk aan 0 zijn.
En utilisant des mors à pinces la pièce à usiner
doit être serrée sur toute la hauteur de serrage.
La dimension X doit être plus grande ou égale
à 0.
2.4
Instructions de sécurité spécifiques
Notes importantes
Ce manuel n'est valable que pour le mandrin automatique
ROTA NCD.
La vitesse de rotation maxi. est seulement valable à force
de serrage maxi.et en utilisant des mors durs étagés du
type SHB.
Pendant l'usinage, le mandrin et la pièce doi-
vent être protégés par une protection de
dimensions suffisante.
Réduire le poids au maximum lors de l'utilisation de mors
doux rapportés ou de mors spéciaux.
Avant usinage, la vitesse de rotation permissible théorique
doit être calculée suivant VDI 3106 pour l'utilisation de mors
doux rapportés ou de mors spéciaux en veillant à ne pas
dépasser la vitesse de rotation maxi. Les valeurs théoriques
seront testées par une mesure dynamique. La sécurité de
fonctionnement (force de serrage et course du cylindre)
devront correspondre aux normes de sécurité en vigueur.
Utilisations de mors speciaux
– Les mors seront le plus légér possible et construites aussi
bas que possible. Le point de serrage se trouvera le plus
près possible du mandrin.(une plus grande distance de
serrage procure une plus grande pression sur les guida-
ges des mors et nuisent à la force de serrage)
– Ne pas utiliser des mors soudés.
– Si les mors spéciaux sont plus haut/large que les mors
standard autorisés sur le mandrin, il faudra tenir compte
de la force centrifuge plus élevée lors du calcul de la force
de serrage et de la vitesse de rotation nécessaire pour
l'usinage;
– Les vis de fixation doivent être serrés de telle manière
qu'un couple de serrage élevé est atteint.
– La vitesse de rotation maxi n'est permise que si la force
de commande maxi et un mandrin en parfait état sont uti-
lisés.
– Lors de vitesses de rotation elevées, le mandrin ne sera
utilisé qu'avec une protection suffisament dimensionnée.
– Après une collision, le mandrin sera soumis à un test de
fissuration avant la remise en service.
– Remplacer les pièces défectueuses par des pièces d'ori-
gine SCHUNK.
– Les vis de fixation des mors doivent être remplacées en
cas d'usure ou de déterioration. N'utiliser que des vis de
qualité 12.9.
9