Druk op de Extra Freeze-knop om deze
functie te activeren.
Het Extra Freeze controlelampje licht op.
DeExtra Freeze functie stopt automatisch na
maximaal 52 uur.
Druk op de Extra Freeze-knop om de Extra
Freeze-functie uit te schakelen voor deze
automatisch afloopt.
4.12 Ventilator-functie
Het koelkastcompartiment heeft een
voorziening om voedsel snel te koelen die
zorgt voor een gelijkmatige temperatuur in
het gehele compartiment.
Dit apparaat wordt automatisch geactiveerd
wanneer dat nodig is of wordt handmatig
geactiveerd.
Druk op Ventilator-knop om de functie in te
schakelen. Het Ventilator controlelampje licht
op.
Door nogmaals op de Ventilator-knop te
drukken wordt de functie uitgeschakeld. Het
Ventilator-aanduiding dooft.
Als de functie automatisch is geactiveerd
zal het Ventilator-aanduiding niet
branden.
Door de Ventilator-functie te activeren
kan het apparaat meer geluid maken en
zal het energieverbruik stijgen.
De ventilator werkt alleen als de deur
gesloten is.
4.13 Hoge temperatuur-alarm
Wanneer de temperatuur in het
vriezertemperatuur stijgt (bijvoorbeeld
vanwege een eerdere stroomstoring),
knippert het alarmlampje, wordt in de
temperatuuraanduiding van de vriezer H°
knipperend weergegeven en wordt het
akoestisch alarm geactiveerd.
Druk op een willekeurige knop om het alarm
uit te schakelen.
De alarmaanduiding en het akoestisch alarm
stoppen. In de temperatuuraanduiding van de
vriezer van de vriezer wordt vijf seconden de
melding H° en daarna de temperatuur van de
vriezer opnieuw weergegeven.
12
NEDERLANDS
Het alarm wordt een uur nadat het werd
uitgeschakeld opnieuw geactiveerd tot de
normale omstandigheden zijn hersteld.
Als u geen knop indrukt, schakelt het
geluid na ongeveer één uur automatisch
uit om storingen te voorkomen.
4.14 Indicator vervanging luchtfilter
Wanneer het luchtfilter over de vervaldatum
heen is en vervangen moet worden, gaan de
Indicator vervanging luchtfilter en de Filter
Reset alarmindicator aan.
Raadpleeg het hoofdstuk "Het CleanAir+ -
filter installeren en vervangen" in het
hoofdstukOnderhoud en reiniging" voor de
vervangingsinstructies.
Druk na het vervangen van het filter op de
Filter Reset-alarmknop om het alarm uit te
schakelen.
4.15 Wi-Fi instelling connectiviteit
Met deze functie kun je jouw apparaat
verbinden met het Wi-Fi netwerk en het
koppelen aan uw mobiele apparaat. Met
behulp van deze functionaliteit kunt u
meldingen ontvangen en uw apparaat
bedienen en controleren vanaf je mobiele
apparaat.
Om het apparaat aan te sluiten heb je het
volgende nodig:
• Draadloos netwerk met internetverbinding,
• Mobiel apparaat dat is verbonden met je
draadloze netwerk.
Frequentie/Protocol
Power
Versleuteling
De mobiele applicatie installeren
Voer de volgende stappen uit om het
apparaat aan te sluiten op Wi-Fi:
1. Zorg ervoor dat het apparaat op een
stopcontact is aangesloten en
ingeschakeld.
Wi-Fi:2.4GHz /802.11
bgn
Wi-Fi 2.4GHz:<20dBm
WPA-PSK,WPA2-
PSK,WPA3-Personal