Veiligheid
3.5
Persoonlijke veiligheidsmaatregelen
•
Elke gebruiker moet de gebruiksaanwijzing van het apparaat met de veiligheidsvoorschriften
hebben gelezen en begrepen.
•
Het apparaat en alle bovenliggende apparaten waarin/waaraan het apparaat is ingebouwd, mogen
alleen worden bediend door daartoe aangewezen en gekwalificeerde personen.
•
Alleen apparaten met handgrepen mogen handmatig worden bediend.
Anders bestaat er gevaar voor letsel aan de handen!
3.6
Beschermende uitrusting
De beschermende uitrusting bestaat overeenkomstig de
veiligheidstechnische vereisten uit:
3.7
Ongevallenpreventie
•
Beveilig de werkplek ruimschoots voor onbevoegde personen, met name kinderen.
•
Wees voorzichtig bij onweer – gevaar voor blikseminslag!
Afhankelijk van de intensiteit van het onweer moet het werk met het apparaat eventueel worden
gestaakt.
•
Zorg voor voldoende verlichting van de werkruimte.
•
Wees voorzichtig met natte, bevroren, bevroren en vervuilde bouwmaterialen!
Er bestaat gevaar dat het opgepakte materiaal wegglijdt .→ ONGEVALGEVAAR!
3.8
Functie- en zichtcontrole
3.8.1
Mechanica
•
Het apparaat moet voor elk gebruik worden gecontroleerd op werking en staat.
•
Onderhoud, smering en storingsverhelping mogen alleen worden uitgevoerd wanneer het
apparaat buiten gebruik is!
•
Bij defecten die de veiligheid in gevaar brengen, mag het apparaat pas weer worden gebruikt
nadat het defect volledig is verholpen.
•
Bij scheuren, spleten of beschadigde onderdelen aan enig onderdeel van het apparaat moet
het gebruik van het apparaat onmiddellijk worden gestaakt.
•
De gebruiksaanwijzing voor het apparaat moet op de plaats van gebruik te allen tijde kunnen
worden geraadpleegd.
•
Het typeplaatje op het apparaat mag niet worden verwijderd.
•
Onleesbare informatieborden (zoals verbodsborden en waarschuwingsborden) moeten worden
vervangen.
54400001 / 54400002 / 54400003
10 / 19
•
Beschermende kleding
•
Beschermende
handschoenen
•
Veiligheidsschoenen