Eerste ingebruikname
Bediening van de monitor
Wanneer de monitor
2
is geactiveerd en het beeld van de
achteruitrijcamera
wordt weergegeven
16
op de Menu/OK-knop
aan de achterkant van de monitor
21
om het hoofdmenu weer te geven.
2
5 submenu's verschijnen. Om een submenu te kiezen,
gebruikt u de +/- knoppen
20
bevestigen, drukt u 3 seconden op de Menu/OK-knop
het menu te verlaten, drukt u kort op de Menu/OK-knop
De volgende submenu's en opties zijn beschikbaar:
Koppelen
Weergaveparameters
Beeldspiegeling
Hulplijnen
Weergavetijd scherm
102
, drukt u kort
25
/
22
. Om uw keuze te
21
. Om
21
Koppelen
Wordt automatisch geactiveerd om de achteruitrijcamera
te koppelen met de monitor
Weergaveparameters
De volgende opties kunnen worden ingesteld voor de
beeldweergave
1. Helderheid
U kunt de helderheid in 9 niveaus selecteren. 0 is de
.
donkerste instelling, 8 de helderste instelling.
2. Contrast
U kunt het contrast in 9 niveaus selecteren. 0 is de laagste
instelling, 8 de hoogste instelling.
3. Kleurinstelling
U kunt de kleurinstelling in 9 niveaus selecteren. 0 is de
laagste instelling, 8 de hoogste instelling.
Kies de gewenste optie met de +/- knoppen
en bevestig uw keuze door de Menu/OK-knop
gedurende 3 seconden in te drukken. De gekozen
optie wordt nu in het geel weergegeven en u kunt de
waarden afzonderlijk instellen met de +/- knoppen
20
/
te keren naar de optiekeuze. Kies een andere optie zoals
beschreven of keer terug naar het hoofdmenu door opnieuw
op de Menu/OK-knop
2
.
22
. Druk nogmaals op Menu/OK-knop
te drukken.
21
Eerste ingebruikname
16
20
/
22
21
21
om terug
103